Marialoop is een parochie van 8760 Meulebeke

www.meulebeke.be
Welkom in het verhaal van een parochie toen en nu ...
Het interieur:

Neogotisch altaar met voorstelling O.-L.-Vrouw met Kind, hout ca. 1907, hersteld in 1912
Beeld van zittende O.-L.-Vrouw met kind, aangeroepen, als O.-L.-Vrouw Bezoeking, O.-L.-Vrouw ter Ruste of O.-L.-Vrouw van alle genaden, gepolychromeers hout, 1966, door Jef Claerhout (Sijsele), kopie van het in 1965 gestolen 16de- eeuwse laatgotisch beeld naar voorbeeld op bidprentje en naar kopie van 1945 door Maurice Van der Meeren.
Beelden van kloosterlingen op neogotische sokkel.
Schilderijen van laatgotische kapel en na de brand heropgerichte kapel, 20ste eeuw, door A.Deseyn. (Tielt)
Figurative glasramen met voorstelling van Kruisiging, Kruisafneming, Maria- en Christusmonogram en eucharistische symbolen, 20ste eeuws, door huis Desander en Gebr. Deseyn. (Tielt) (gesigneerd)
Natuurstenen wijwatervat op pijler.
kapel vanuit Drongensgoedweg
Kapel:

in het Parochieboek van Marialoop, 1861, p.10 vinden we:

Ook Jan De Beer zou tijdens zijn leven door een mirakel gered zijn. Volgens de overlevering richtte hij daarom de kapel van Marialoop op :
" De kapel, gelijk zij nu bestaet, wierd gesticht , zoo't schijnt , omtrent het einde der XVI eeuw. Volgens de overlevering is zy haren oorsprong aen eene belofte verschuldigd : de stichter daeromtrent voorbygaende, en door een wild dier aengerand zynde , zou de hulp van O.-L.-Vrouwe afgesmeekt hebben , belovende tot harer eer eene kapel te bouwen. Maria verloste hem uit het gevaer en de beschermeling hield zijn woord. Men meent dat M. de Beer, heer van Meulebeke, daervan de stichter was ".

Uit de folder uitgegeven door het Feestcomiteit van Marialoop en het bestuur van Vakantiegenoegens:

Wanneer de kapel juist is ontstaan, is niet met juistheid te bepalen. Zeker is dat de naam " Maerloop " reeds beschreven werd in 1443 in de archieven van het Bisdom Doornik , waaronder dit gewest vroeger ressorteerde. Hieruit blijkt dat, wanneer de naam toenertijd reeds bestond, het ontstaan van de kapel en het bedevaartsoord zelfs nog vroeger te situeren is. Trouwens in de bulle van Paus Pius IV (1561) werd "Maerloop" overgedragen aan het Bisdom Gent (om in 1834 bij Brugge te behoren.) Bij die overdracht naar Gent werd "Maerlope" als "kapelanij" vermeld, dus moesten er toen reeds in deze kapel goddelijke diensten verricht worden. Wellicht zal het in deze arme, schaarsbevolkte streek, enkel een pretentieloze kapel geweest zijn, waarschijnlijk een houten boskapel. Blijkens het jaartal 1663 dat in de noordelijke muur geplaatst was, zou toen de kapel in steen gebouwd worden op last van de Heer Gaspard de Beer , Baron van Meulebeke. Inderdaad de legende vertelt :
"...dat de Heer van Meulebeke ( wellicht Gaspar de Beer ), te paard op jacht was in de Marialoopse beemden en bossen. Hij ziet plots een horde wolven op hem afkomen. De honden van de Heer slaan op de vlucht en huilend naderen de woeste dieren. Een enorme wolf dreigt paard en ruiter te bespringen , als de Heer , verlamd van schrik en overtuigd dat zijn laatste uur geslagen was , de Heilige Maagd aanroept en belooft haar kapel te Marialoop te herbouwen en vergroten op de plaats waar hij op jacht is. En wat gebeurt er ? De dieren houden plots stil en slaan een andere richting in. De Heer van Meulebeke geeft onmiddellijk opdracht er een mooie kapel te laten optrekken.

Deze legende is boven het altaar in beeld gebracht door A.Deseyn uit Tielt.
O.L.V. Ter Rust Thielt Marialoop kapel
Marialoop

Beschrijving:

Neogotische bedevaartskapel, ingezegend in 1908, naar ontwerp van architect Jules Carette (Kortrijk), deels naar model van de in 1906 afgebrande 16de-eeuwse laatgotische kapel.

Historiek:

Reeds in een renteboek van Gruuthuse van 1443 is er sprake van "de capelle meersch van Maerloope"; vermoedelijk betreft het een houten boskapel.
Op het einde van de 16de eeuw richt Jan de Beer, eerste heer van Meulebeke, de kapel van O.-L.-Vrouw ter Ruste op, volgens de legende omdat hij gered wordt bij een aanval door een wild dier tijdens de jacht. De kapel wordt verheerlijkt met de kapellanie van O.-L.-Vrouw.
Op 12 september 1619 wordt in de - inmiddels vervallen - laatgotische eenbeukige kapel het altaar geconsacreerd. Na enkele jaren raakt de kapel opnieuw in verval, hoewel deze intussen tot een druk bezochte bedevaartplaats is uitgegroeid, cf. o.m. de vermelding in 1623 van de jaarlijkse gebedstocht naar de kapel als de belangrijkste processie in de dekenij.
In 1665 schenkt Gaspar Ignatius de Beer, baron van Meulebeke, een grote klok aan de kapel.
Pastoor Jacobus Mijs verhaalt in zijn "Hantboeck der Pastorije van Meulebeke" van 1730 over de vele tientallen mirakels die aan O.-L.-Vrouw van Marialoop worden toegeschreven.
Van 1735 tot 1737 wordt de kapel volledig vernieuwd met o.m. een sacristie, een nieuw altaar, nieuwe preekstoel en communiebank. Op het einde van de 18de eeuw wordt ze door de Fransen opgeist en als nationaal goed verkocht; de stromannen Ignatius Danneels van Meulebeke en Pieter Bekaert van Tielt kopen ze echter later terug.
Wanneer Marialoop in het tweede kwart van de 19de eeuw tot bloei begint te komen, wordt omwille van bevolkingstoename de kapel van O.-L.-Vrouw ter Ruste in 1832 opengesteld voor de eredienst op zon- en feestdagen, met Leo Dujardin als eerste pastoor, en in 1836 tot "annexe" verheven. Na de bouw van een nieuwe parochiekerk ten zuiden ervan in 1837-1838 (cf. z.nr.) krijgt ze opnieuw enkel de functie van bedevaartskapel.
Het kadaster registreert in 1853 een perceelgrenswijziging, in 1857 een aanbouw aan de noordzijde en in 1882 een grenswijziging met de weg.
Nadat de laatgotische kapel in 1906 afbrandt, wordt ze onmiddellijk in neogotische stijl herbouwd naar ontwerp van architect Jules Carette (Kortrijk); de inwijding gebeurt op 2 oktober 1908. Na schenking van de grond rond de kapel in 1910 worden er ook ommegangskapellen geplaatst.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog worden de klokken van de kapel O.-L.-Vrouw ter Ruste weggevoerd.
± 1909